2018 Verhalen Bommenwerper

In het weekend van de Wolfsfeesten werd in de Sint-Antoniuskerk van Wolfsdonk een tentoonstelling opgezet rond het neerstorten van een Amerikaanse B-17 bommenwerper op de Heide te Wolfsdonk in augustus 1943 (tussen huidige Mosvennestraat en Tuinbouwstraat).
Renaat Van den Berckt schreef deze teksten uit en het project 'Verhalen verbinden platteland', dat onze kerkfabriek opzette, werkte deze mee uit.
In de volgende weken wordt Renaats uitgebreidere tekst in verschillende episodes gepubliceerd. Vandaag verschijnt het eerste samenvattende stuk in ons parochieblad. Later zullen alle teksten ook op www.verhalenverbindenplatteland.be en een boek verschijnen. De panelen in de kerk blijven nog enkele zondagen te lezen.
Afbeelding invoegen 

17 AUGUSTUS 1943: B-17 CRASHT IN WOLFSDONK    
Niet alleen in Langdorp is in ‘43 een vliegtuig van de geallieerden gecrasht. Ook op de       Heide in Wolfsdonk viel op dinsdag 17 augustus een Amerikaanse B-17 of ‘vliegend fort’    tussen vier huizen aan de noordoostkant tussen de Mosvennestraat en de  Tuinbouwstraat, op een veld van 55 op 90 meter, dus heel wat kleiner dan een   voetbalveld, eigendom van August Van den Berckt-Vermeulen. Hijzelf woonde nog bij zijn vader ‘Tistke de wever’ aan de overkant van de Mosvennestraat. Aan de westkant van het terrein woonde het gezin Fons Steurs-Coenen, aan de noordkant het gezin Frans Van den Berckt-Tielemans en aan de oostkant tegen de straat het gezin Jef Peeters-Hermans. Het mag een wonder heten dat er hier geen doden of gewonden vielen. Die zomerse dag was even na 13 uur al een tweede eskadron Amerikaanse bommenwerpers gepasseerd richting Duitsland om daar de oorlogsindustrie te gaan platleggen.
De mensen hadden even naar de lucht gekeken, maar werkten daarna gewoon verder: het was immers oogsttijd. Geholpen door zijn vader, zijn recente schoonbroer Fons van Zefke (Willems) en nog een andere man, was Gust Van den Berckt vollegrondtomaten aan het plukken achter een kleine serre die in de hoek van het veld stond, tegen Fons van Steurke. Zijn oudere broer Frans was met een paar helpers en zijn jongens naar zijn patattenveld in de Mosvenne getrokken, zo’n 350 meter ten oosten van zijn huis. Alleen zijn vrouw en hun dochtertje van anderhalf waren thuis gebleven.
Rond 14.15 uur was er opnieuw geronk te horen, maar nu uit de andere richting. Drie Duitse jagers hadden een gevecht aangeknoopt met een bommenwerper die blijkbaar in brand stond en fel aan het zakken was in de richting van de Hei. In een schoolboek dat bij de Stad Aarschot in 1997 verscheen, vertelt Gust het zo:"We zagen en hoorden een viermotorige bommenwerper aankomen die beschoten werd door een Duitse jager. Verscheidene bemanningsleden sprongen met valschermen uit het toestel dat daarna ontplofte en in drie grote brokken neerviel. Wij vluchtten alle kanten op. Vader kroop in een rioolbuis. Samen met een makker lag ik tegen de gevel van Fons Steurs, onze buur. Nog een andere sprong in een gracht aan de noordkant van het veld.
Eerst kwam een vleugel naar beneden naast een perenboom. Naast de serre, 15 meter verderop, viel het staartstuk. De romp kwam tussen de tomaten terecht. De serre bleef als bij wonder gespaard, slechts enkele ruiten sneuvelden door los rondvliegende onderdelen. Er ontstond geen brand, maar de hele omgeving raakte besmeurd met olie. De rondscharrelende kippen waren zwart geworden. Toen we van onze schrik bekomen waren gingen we kijken naar de romp. Daarin vonden we nog twee mannen, dood. In het staartstuk zat niemand meer.’”Ook een motor was op dit veld terechtgekomen, op een vijftal meter van het huis van Jef ‘van Fluppes’ (Peeters). En ten westen van het huis van Frans Van den Berckt lag de cabine met een derde dode: co-piloot Dahlman. De overledenen in de romp waren radio-operator Barrett en zijluik-schutter Hunt. Alle drie waren ze bij het luchtgevecht, vanaf Rummen tot voorbij Diest, dodelijk geraakt. Kort daarna gaf piloot Bennett bevel het vliegtuig te verlaten. De zeven andere bemanningsleden, die ook al verwondingen hadden opgelopen, landden met hun parachutes in Testelt, van dicht bij de plaats waar de kerk van Ter Hoeve staat tot aan de grens met Wolfsdonk. Vier van hen werden opgepakt en, eventueel na verzorging in de Brusselse Bordet-kliniek, naar Duitsland overgebracht. Navigator Van Bemmel kon via de ontsnappingsroute ontkomen, tot hij aan de Spaanse grens door Duitse gendarmes werd gevat, verhoord en gedeporteerd. Boordmechanicien Cowherd en piloot Bennett zijn wel veilig via Spanje en Gibraltar in Engeland terechtgekomen. Daar werd hen gevraagd al hun ervaringen en herinneringen op te schrijven.Dit verhaal bleef gedurende 50 jaar strikt geheim. Er is dus niets van terug te vinden in wat er verscheen voor het jaar 1997. Pas na vrijgave kon het ook bij ons door geïnteresseerden worden bestudeerd en verder onderzocht. Verdere toetsen met getuigenissen en grondplannen werden mogelijk...Dankzij deskundige hulp van Paul Laureys (Averbode) zal hierover een uitgebreid verhaal, met een paar kaarten kunnen opgenomen worden in het project "Verhalen verbinden platteland”. Renaat Van den Berckt