De biecht, ook wel boetesacrament, sacrament van de vergeving of sacrament van boete en verzoening genoemd, is een van de zeven sacramenten van de Katholieke Kerk. In dit sacrament kan de priester in Christus' naam zonden vergeven. De biecht wordt gebaseerd op de woorden die Jezus Christus heeft gericht tot zijn Apostelen op de dag van Zijn Verrijsenis : "Wier zonden gij vergeeft, hun zijn ze vergeven, wier zonden gij niet vergeeft, hun zijn ze niet vergeven." (Joh. 20, 23)
de biecht

De beschermheilige van het biechtgeheim en de biechtvaders is de H.Johannes Nepomucenus.

In de middeleeuwen maar ook later heeft de katholieke kerk geprobeerd om met behulp van de biechtvaders van de katholieke koningen en heersers politieke invloed te winnen. De biechtvader van Lodewijk XIV, de bekende jezuiet François d'Aix de La Chaise was een bemiddelaar bij conflicten en hij oefende een matigende invloed op de tirranieke koning uit.
 
Verloop van het sacrament van de biecht

Na het belijden van de zonden legt de priester de penitentie op en verstrekt goede raad, zodat de penitent de fouten in de toekomst kan vermijden. Er zijn drie voorwaarden voor de absolutie: het is nodig dat de essentie van het gehele verhaal verteld is, dat wil zeggen alle begane doodzonden en bij voorkeur ook de kern van de dagelijkse zonden; berouw; en het voornemen het leven te veranderen.

Vervolgens verleent de priester de boeteling "vrijspraak en vrede" door de sacramentele absolutie, de vorm waardoor de genade van vergiffenis geschonken wordt. Tenslotte volgen de lofprijzing, dankzegging en de wegzending met de zegen van de priester. Alhoewel de priester overal biecht kan horen, gebeurt dit volgens de kerkorde meestal in een biechtstoel in de Latijnse Kerk, terwijl de Byzantijnse en andere riten de voorkeur geven aan een open ruimte, veelal nabij de iconostasis.

De essentiële vorm van het Biechtsacrament bestaat uit de woorden van de priester:

Ego te absolvo a peccatis tuis in nomine Patris et Filii + et Spiritus Sancti. Amen.
"Ik ontsla u van uw zonden in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Amen"
 

De priester is gehouden tot een streng biechtgeheim (sigillum). Dit betekent, dat niet alleen een rechtstreekse schending, maar ook de onrechtstreekse schending van het biechtgeheim door de priester door de Kerk bestraft kan worden.

Als onderdeel van de Paasplicht vraagt de Kerk aan iedere gelovige minstens eenmaal per jaar te biecht te gaan tussen Palmzondag en Pinksteren, omdat het een onvervangbare stap is in de ommekeer van het hart van een katholieke gelovige.